Mirror’s Edge

Eigenlijk is elk level van Mirror’s Edge een meesterwerk, maar level 1: Flight springt er voor mij heel erg uit, omdat maar mijn idee de hele track in dit level precies het gevoel geeft aan de speler dat het zou moeten geven. Dit level begint heel rustig en sereen; het is een dag zoals ieder ander en je wil je zus zien te vinden. De zon is nog aan het op komen en de halve stad slaapt nog, terwijl jij op je gemak over daken klimt. Maar zodra de politie arriveert en jou en je zus vindt bij een crime scene, barst direct alle hel los. De muziek en alle geluiden doen precies het werk dat ze moeten doen: ze zorgen ervoor dat je je extreem opgejaagd voelt. Je hoort een helicopter vlak achter je, hoort (en ziet) constant dat je wordt beschoten, in de verte hoor je sirenes en vlak achter je hoor je geschreeuw van je achtervolgers. Je voelt je volledig in het nauw gedreven en wil hier zo snel mogelijk wegkomen. In sommige andere levels, zelfs de levels waarin je achterna wordt gezeten of beschoten, voel je je niet altijd alsof je echt in gevaar bent. Soms heb je zelfs de neiging om even stil te gaan staan, je om te draaien en je (zeer langzame) achtervolgers eens goed uit te gaan lachen; ze krijgen je toch nooit te pakken. In Flight wil je echter absoluut niet weten wat er allemaal wel niet achter je aan zit; alle geluiden die je hoort zeggen al genoeg. Je wil alleen maar maken dat je wegkomt. Aangezien ‘Flight’ letterlijk ‘vluchten’ betekent heb ik hierdoor echt het idee dat de hele track zijn doel bereikt.